TCHAIKOVSKY, B.: PIANO-,CELLO-, VIOOLCONCERT E.A.
CD Recensies - T

Tchaikovsky, B.: Kamersymfonie, 1967; Etudes voor orgel en strijkorkest nr. 1-6, 1976; De klokken, prelude voor strijkorkest. Ludmila Golub (org) met het Musica Viva kamerorkest o.l.v. Alexander Rudin. Hyperion CDA 67413 (69’42”). 2004

Tchaikovsky, B.: Cellosolsuite, 1960; Partita voor cello en ensemble, 1966; Celloconcert, 1964. Mstislav Rostropovitch met het Moskou filharmonisch orkest o.l.v. Kyrill Kondrashin. EMI 572.021-2 (71’44”). 1961/6

Tchaikovsky, B.: Pianoconcert, 1971; Klarinetconcert, 1957; Tekens van de dierenriem nr. 1-5. Olga Solovieva (p), Anton Prischepa (kl), Jana Ivanilova (s), Irina Goncharova (klav.) met het Kamerorkest van de Russische Muziekacademie o.l.v. Timur Mynbaev. Naxos 8.557727 (69’57”). 2005

Boris (geen familie) Tchaikovsky of Chaikovsky(1925-1996) studeerde compositie in Moskou bij Miaskovsky, Shostakovitch en Shebalin; uiteraard had hij in 1948 te lijden onder de Sovjet-ideologische restricties met de beschuldiging dat zijn werk getuigde van ‘formalisme’. Zijn vrij omvangrijke oeuvre bestaat onder meer uit vier symfonieën, zes strijkkwarteten, vier soloconcerten

Hij behoorde tot een generatie die een plaats had tussen die van Shostakovitch en Kabalevsky enerzijds en Schnittke, Denisov, Silvestrov, Schedrin en Goebaildoelina anderzijds. Uit nood geboren schreef hij veel film- toneel- en tv muziek. Dat verleent ook zijn serieuze werken een hoge mate aan toegankelijkheid, mede door het gebruik van citaten uit werken van beroemde voorgangers. Men zou het idioom Shostakovitch zonder grimmigheid en angst kunnen noemen. Met serialisme wilde hij niets van doen hebben.

Wie naar invloeden zoekt, komt bij Shostakovitch, Prokofief Panufnik, Britten en Bartók terecht

De korte Prelude op de eerste cd werd door Klimov georkestreerd na de dood van de componist.

Tegen die verwijten  in ontwikkelde hij zich tot een van de belangrijker componisten van zijn generatie.

Er zijn her en der nogal wat van zijn werken door Russische musici vastgelegd. Het drietal hier genoemde cd’s geeft een aardig beeld, een soort dwarsdoorsnede van zijn orkestrale werk met en zonder solisten.