SCHUBERT: PIANOSONATES NR. 19, 20, 21, PIEMONTESI
CD Recensies - S

Schubert: Pianosonates nr. 19 in c D. 958, 20 in A D. 959 en 21 in Bes D. 960. Francesco Piemontesi. Pentatone PTC 5186-742 (2 cd’s, 1u., 56’49”). 2018

De in 1983 in Locarno geboren Zwitserse pianist Francesco Piemontesi viel meteen positief op door eerdere opnamen met pianowerken van Liszt op Orfeo, van Schumann op Claves en de Préludes van Debussy en pianowerken van Mozart op Naïve.

Nu debuteert hij op Pentatone het de drie ‘late’ Pianosonates van Schubert, de werken van een 31-jarige. Het schijnt dat  daarin juist hun bewust onvirtuoze en vrij introvert gehouden structuur en hun monologiserende karakter hem aanspreken. 

Maar net als Maurizio Pollini in een gelijksoortig project (DG419.229-2, 2 cd’s) ziet hij in de bekronende Sonate nr. 21 meer licht en minder berusting dan Alfred Brendel (Philips, thans Decca 438.703-2, 2 cd’s) en toont hij in zijn goed gestructureerde en krachtige vertolkingen niet ongevoelig voor stemmen uit een andere wereld die in de ze werken meeklinken. Maar waar Pollini met zijn vrijwel volmaakte perfectionisme misschien wat koel overkomt, straalt Piemontesi duidelijk wat meer gevoelswarmte uit.

Voor de Zwitser pleit - op het opnametechnische vlak - tevens het zeer natuurlijke klankbeeld. Tot slot is het misschien ook nog nuttig om even te herinneren aan de prachtige Schubert sonatevertolkingen van Mitsuko Uchida, die verspreid of samen (Philips 475.628-2, 8 cd’s) zijn verschenen.