BACH, J.S.: JOHANNES PASSION, OTTO
CD Recensies - B

 

 

Bach, J.S.: Johannes Passion BWV. 245 (versie 1749, met in de appendix extra delen uit versie 1725). Georg Poplutz (t., evangelist), Julia Kleiter (s), Victoria Braun (s), Gerhild Romberger (a), Daniel Sans (t), Erik Reinhardt (t), Bernd Sucklé (t), Yorck Felix Speer (bs., Jezus), Matthias Winckhler (bs) met het Bach koor en -orkest Mainz o.l.v. Ralf Otto. Naxos 8.573817/8 (2 cd’s, 2u. 12’02). 2017  

 

De periode waarin Nederland weer gaat wemelen van Bachs beide Passionen met professionele en amateur koren is in februari 2018 weer aanstaande. Meestal gaat dan vanuit het buitenland gepaard met nieuwe opnamen, zoals deze van Ralf Otto.

Het is bekend dat Bach experimenteerde met zijn werken. Bij de Johannes Passion gebeurde dat sinds de eerste uitvoering in 1724 wel vijfmaal, wat tot verschillende versies leidde. Van die vijfde is niets naders bekend. Kunnen we versie nr. 4, beginnend met het koor ‘Herr, unser Herrscher’ en eindigend met nr. 40 ‘Ach Herr, laß dein lieb Engelen’ daarom als eindversie beschouwen? 

Hij koos voor de vierde versie van het werk uit 1749, die we o.m. kenden van Gardiner (Archiv 469.769-2), Suzuki (BIS CD 921/2) en  Junghänel (Accent ACC 24251). Van Otto is ook een aardige, maar niet geweldige, destijds in 1991 met andere krachten gemaakte opname van het Weihnachtsoratorium bekend (Capriccio C 60025).

Zijn uitvoering wordt met 24’09” verlengd doordat ook nog delen uit de versie 1725 zijn opgenomen.  Die toevoegingen bestaan uit ‘O Mensch, bewein dein Sünde groß’, ‘Himmel reiße, Welt erbebe, - Jesu, deine Passion’, ‘Zerschmmettert mich, ihr Felsen und ihr Hügel’, ’Ach windet euch nicht so geplagte Seelen’ en ‘Christe, du Lamm Gottes’.

De solisten tekenen in vaak nuttige dubbele bezetting de personages met vaardige schetsen: Petrus loochent Christus met met schokkende snelheid en groot gemak, het gevolg is pas achteraf voelbaar in de wrede tenoraria ‘Ach, mein Sinn’ waarmee deel 1 wordt afgesloten.

De hele structuur draait niet om een enkele aria, maar om de confrontatie tussen Christus en Pilatus wanneer de Romeinse gouverneur zich afvraagt: “Wat is waarheid?” Pas dan ontwikkelt het tempo van de handeling naar een reeks overpeinzingen die het verhaal onderbreken en uitmonden in de sopraanaria ‘Zerfließe, mein Herze’.

Gedrevenheid en een gezond verstand lijken vereisten voor een gedenkwaardige opname van dit werk. In di zin doet ook deze nieuwe opname aan hoge verwachtingen.