LISZT: LIEDEREN, DEEL 5, CLAYTON
CD Recensies - L

Liszt: Liederen, deel 5. Freudvoll und leidvoll S. 280; Freudvoll und leidvoll 2 S. 280/2; Die Loreley S. 273; Über allen Gipfeln ist Ruh S. 306/1; Jugendglück S. 323, R. 615; Du bist wie eine Blume S. 287; ‘Elegie; uit Die Zelle in Nonnenwerth S. 274/3; An Editam ‘In meinem Lebensringe; S. 333’ Oh! quand je dors S. 282; Comment, disaient-ils S. 276; Enfant, si j’étais roi S. 283; S’il est un charmant gazon S. 284; Ich liebe dich S. 315; Morgens steh’ ich auf und frage S. 290; Ich möchte hingehn S. 296; ‘Hohe Liebe, Liebestraum nr. 1 S. 307; ’Gestorben war ich’ Liebestraum nr. 2 S. 308; O lieb, so lang du lieben kannst’ Liebestraum nr. 3 S. 298. Allan Clayton (t) en Julius Drake (p). Hyperion CDA 68179 (63’09”). 2017

 

Bj alle aandacht voor de pianowerken en de concertante composities van Liszt wordt soms vergeten dat hij ook talloze liederen schreef. In de catalogus van Liszts werken die Humphrey Searle in 1969 samenstelde, nemen ze de nrs. 269 tot 340a in beslag.

In 2010 begon Hyperion met als aanleiding de viering van de tweehonderdste verjaardag van de componist in 2011 met een complete opname daarvan waarin achtereenvolgens verschenen deel 1 met tenor Matthew Polenzani (Hyperion CDA 67782), deel 2 met mezzo Angelika Kirchschläger (Hyperion CDA 67934), deel 3 met bariton Gerald Finley (Hyperion CDA 67956) en deel 4 met mezzo Sasha Cooke (Hyperion CDA 68117). 

Voor zijn liedkunst werkte Liszt graag samen het goede zangers, zoals de Franse tenor Adolphe Nourrit en he duo van Rosa en Feodor von Milde en gebruikte deze kunstvorm om te experimenteren met zijn Zukunftsmusik. Hij zette niet alleen teksten van Goethe, Schiller en Heine, maar ook van Hugo, Tennyson, Tolstoi en Petrarca en zelfs van adellijke relaties op muziek. En toch is deze schat nooit populair geworden.

Misschien kan deze uitgave daar verbetering in brengen. 

Intussen zijn we aangekomen bij de vijfde aflevering. De liedkunst heeft altijd een rol gespeeld in het leven van Liszt. Dat begon in 1839 met Angiolin dal biondo en stopte in 1886 met de orkestratie van Vatergruft. Vaak herzag Liszt later nog liederen, maar dat leidde zelden tot een mooier resultaat. Gelukkig houden de zangers op Hyperion zich aan de oorspronkelijke versies.

Tenor Allan Clayton beschikt over een veelzijdigheid die hem zeer te pas komt in dit recital met achttien, niet de makkelijkst te interpreteren liederen die hij zowel in technisch als in expressief opzicht heel mooi over het voetlicht brengt, daarin gesteund door de betrouwbare Julius Drake die zich intussen heeft ontwikkeld tot een ware Liszt specialist.

Er waren enige eerdere, haast incidentele opnamen van dit repertoire, onder meer van Fischer-Dieskau en Demus (DG 463.508-2) en met Barenboim, Behrens met Garben en Fassbänder met Thibaudet (DG 477.9525, 34 cd’s). Aardig om te vergelijken.