VICTORIA: OFFICIUM DEFUNCTORUM, MALLAVIBARRENA
CD Recensies - V

Victoria: Officium defunctorum. Musica Ficta o.l.v. Raúl Mallavibarrena. Enchiriadis EN 2045 (38’31”). 2017

 

Het belangrijkste werk van Tomás Luis de Victoria (1548-1611) is het Requiem dat hij in 1603 componeerde voor de begrafenis van de begrafenis van keizerin Maria en dat in zijn tien delen niet alleen de geijkte misdelen  van de dodenmin bevat, maar ook het eerste bijbelfragment dat daaraan voorafgaat.

Zo begint het werk met de lectio ’Taedet animam meam’ dat tijdens de metten meteen voor een sfeer van strenge plechtigheid zorgt. Het Requiem zelf is veel prachtvoller. In het achtstemmige werk zijn niet steeds alle zangers te horen.Voor de gesloten eenheid van het werk zorgt een gregoriaanse cantus firmus die gewoonlijk door de tweede sopraan wordt gezongen. De 10-delige muziek culmineert in het lange ‘Libera me’.

Er bestonden al enige mooie opnamen van dit werk. Een der uitverkorenen is van McCreesh (Archiv 447.095-2), een andere die van Cave (Linn CKD 060).

Het ensemble Ficta bestaat uit Lore Agusti en Manon Chauvin (s), Flavia Ferri-Bendedetti (ct) en Adriana Mayer (a), Ariél Hernandez en Diégo Blázquez (t) en Victor Cruz en Fernando Rubio (bs) en het zingt deze muziek heel puur, vrij licht maar ook nadrukkelijk. Vooral de bovenstemmen zorgen voor een luchtige transparantie. De uitvoering klinkt ongeforceerd expressief en er is gezorgd voor een verschil van stemmingen en dynamiek, met name in ‘libera me’.

Zo is het werk mooi in zijn liturgische context geplaatst. Een heel mooi blijk van meerstemmigheid.