GILELS, EMIL: ONUITGEGEVEN RECITALS 1975-1980, DE
CD Verzamelprogrammas

Emil Gilels: De onuitgegeven recitals in the Concertgebouw 1975, 1976, 1978, 1979, 1980. Beethoven: Pianosonate nr. 7 in D op. 10/3, 8 in c oo.13 ‘Pathétique’, 12 in As op. 26, 25 in G op. 79, 26 in e op. 81a ‘Les adieux’, 27 in e op. 90; Variaties en fuga in Es; Brahms: Ballades nr. 1-4 op. 10; Fantasieën op. 116 nr. 1-7; Liszt: Pianosonate in b S. 178; Schumann; Arabesque op. 18; Prokofiev: Prelude op. 12/7; Pianosonate nr. 3 in a op. 28; ‘Mars’ uit De liefde der drie sinaasappelen op. 33; Visions fugitives (ged.); Chopin: Polonaises nr. 4 in c op. 40/2 en 6 in As op. 53; Pianosonate nr.3 in b op. 58; Nouvelle étude in As nr. 2; Mozart: Fantasie in d KV. 397; Pianosonate nr. 15 in F KV 533/494; Variaties over ‘Salve tu Domine’ van Paisiello KV 398; Ravel: Pavane pour one infante défunte; ‘Alborada del grazioso’ uit Miroirs; Bach/Siloti: Prelude in b BWV. 855A; Scriabin: Études in fis op. 8/2 en cis op. 2/1; Préludes op.74 nr. 1-3; Fondamenta FON 180303-2 (5 cd’s, 5u. 58’43”). 1975/80

 

De eerste kennismaking met de Russische pianist Emil Gilels (Odessa, 19 oktober 1916 - Moskou 14 oktober 1985) in de westerse muziekwereld kwam toen hij in 1947 toen hij voor hert eerst buiten de Sovjet Unie mocht optreden en daarna in 1954  toen hij voor het eerst in Parijs met André Cluytens het Pianoconcert nr. 3 opnam op lp (Columbia CX 1180). Later volgden meer van die opnamen van het  Pianoconcert nr. 2 van Saint-Saëns, Pianoconcert nr. 3 van Rachmaninov en de Prelude en fuga in D op. 87/5 van Shostakovitch die later herverschenen (Testament SBT 1029). In 1957 nam hij dit derde concert nog eens op met Leopold Ludwig en het Philhsrmonia orkest (Testament SBT 1095).

De grote lof die hij oogstte wuifde hij weg met de opmerking ‘Wacht maar tot jullie Sviatoslav Richter hebben gehoord’. 

In die tijd van de Koude Oorlog mochten belangrijke Russische kunstenaars maar mondjesmaat naar West Europa en de V.S. en dan altijd voorzien van een waakhond die zorgde dat zij breed weer in de schoot van braaf moedertje Sovjet Rusland terugkeerden. 

Emil Gilels had zijn zus Elizaveta als violist, was getrouwd met een componiste, had violist Leonid Kogan als zwager en een dochter Elena met wie hij samen opnamen maakte van Schuberts Fantasie in f D. 940 (DG 477.6625) en Mozarts Concert voor 2 piano’s en orkest in Es KV. 365 (DG 459.035-2) of Mozart: Pianoconcert nr. 27 en Concert voor 2 piano’s en orkest (DG 419.059-2).

Hij was student van Neuhaus en de debuteerde in 1929 in Moskou. Natuurlijk won hij prijzen op concoursen, in 1938 het  Ysaÿe concours.

Wat was het bijzondere van Gilels’ pianistiek? Hij had altijd. Een groot begrip voor de structuur van de muziek en daar stevig vat op, beschikte over een grote technische brille en wist intellectueel inzicht en een zekere d instantie te combineren met een groot engagement en stijlgevoel. Dat gaf zijn spel een bijzondere kracht en verleende het veel distinctie. 

Beroemd werd hij mede dankzij de volle, maar nooit overdreven klank die ook in het pianissimo nog voldoende draagkar echt had. Hij was evenzeer in staat tot temperamentvolle uitbarstingen als tot sensibel lyrisch spel, vrij van ieder maniërisme. Op hogere leeftijd tendeerde zijn voordracht geleidelijk meer naar verinnerlijking, wat duidelijk blijkt uit zijn cyclus Pianosonates van Beethoven, die helaas ten gevolge van zijn dood onvoltooid bleef. Een absoluut gehoor moet hem tot grote steun zijn geweest.

Hij concentreerde zich ook op zijn stilistisch sterke kanten, speelde weinig barokcomposities (maar wel wat sonates van Scarlatti en Bach/Busoni stukken) en eigenlijk opvallend weinig van Russische tijdgenoten hoewel hij in 1944 de première gaf van Prokofiev Pianosonate nr. 8 en die samen met nr. 2 en 3 wel vastlegde (RCA RD 69098) en Shostakovitch is vertegenwoordigd met de Pianosonate nr. 2 en een paar Preludia en fugae (RCA 88691-199136-2).

En dan is er nu, 33 jaar na zijn dood ineens dit album met opnamen die tussen 1975 en 1980, uit zijn laatste periode dus. Deze uitgave is aan een gelukkig toeval te danken. De eigenaar van het label Fondamenta, pianist Frédéric d’Oria Nicolas, was zomer 2017 in Moskou om een recital te geven. Daar ontmoette hij de kleinzoon van Gilels Kirill die met hem luisterde naar deze met het Phoenix restauratie proces van Devialet technologie met deze recitals tot stand was gebracht. Samen met Piet Tullenaar zijn deze opnamen uit het Concertgebouw (radio opnamen van. NOS, KRO en NCRV)  gered en staan deze nu in zeer behoorlijke geluidskwaliteit ter beschikking.

Het zal niemand verwonderen dat iedereen die er destijds lijfelijk bij aanwezig was met vele dierbare herinneringen, stukjes en beetje tegelijk consumerend, enorm van zal genieten. Hopelijk spreekt deze veelomvattende collectie ook jongeren die Gilels nooit hebben gehoord aan. 

Andere belangrijke opnamen van Gilels zijn:

Beethoven: Pianosonates nr. 21, 23 en 26 (DG 419.162-2).

Beethoven: Pianosonates nr. 2-8, 10-21, 23-31; Kurfürstensonates WoO. 47;  Eroicavariaties. DG 453.221-2 (9 cd’s).

Brahms: Pianoncerten nr. 1 en 3 met het Berlijns filharmonisch orkest o.l.v. Eugen Jochum (DG 447.445-2, 2 cd’s) en jarenlang de mooiste,

Brahms: Pianoconcert nr. 2; Ballades op. 10 nr. 1-4 (DG 439.466-2)

Brahms: Pianokwartet nr. 1; Ballades nr. 1-4. Met het Amadeus kwartet (DG  477.407-2).

Chopin: Pianosonate nr. 2; Liszt: Pianosonate. Chant du monde LDC 278977.

Chopin: Pianosonate nr. 2; Haydn: Pianosonate nr. 20; Beethoven: Pianosonate nr. 23; Ravel: Valses nobles et sentimentales. Multisonic 31.0091-2. Chopin ook op (Testament SBT 1089).

Grieg: Lyrische stukken (DG 449.721-2).

Tchaikovsky: Pianoconcert nr. 1. Met het Chicago symfonie orkest o.l.v. Fritz Reiner. (RCA 09026-68530-2), de uitvoering waarmee Gilels in oktober 1955 zijn Amerikaanse debuut maakte.