BASSANO KWARTET EN DANIËL BRÜGGEN: EAGLES AND SEVEN TEARS
CD Verzamelprogrammas

Daniël Brüggen en het Bassano kwartet: Eagles and seven tears. Haydn: Strijkkwartet nr. D9 op. 5/1 H. II.09 (bew Fluitkwartet)); Purcell: Fantasie voor gamba’s nr. 11 in G Z. 742 (bew); Dowland: Pavanes nr. 2 ‘Lachrimae antiquae novae’ nr. 3 ‘Lachrimae gementes’, nr. 4 ‘Lachrimae tristes’, nr. 5 ‘Lachrimae coactae’, nr. 6 ‘Lachrimae amantis’ en nr. 7 ‘Lachrimae verae’ (bew.); Taverner: In nomine; Lupo: Pavane Susanna un jour; Moelker: Koraal 1, Westerbork 1943; Pärt: ‘Slowly’ uit Saxofoonkwartet nr. 1 (bew); Bologna: Aquila altera (bew). Aliud ACD BL 087-2 (67’49”). 2015

 

Het vermoedelijk naar de zestiende eeuwse schilder Jacopo Bassano genoemde Bassano blokfluitkwartet bestaat uit Adriana Breukink, Ronald Moelker, Saskia Teunisse en Wolf Meyer; het bespeelt een door Adriana Breukink vervaardigde Eagle blokfluit familie met als fundament een drie meter lang exemplaar en maakte eerder een Spaanse muziek uit de Renaissance gewijde cd onder de titel Torres de Alma.

Om de sfeer te bepalen wordt het programma na te zijn ingeleid met de bewerking van een nauwelijks bekend fluitkwartet van Haydn  een eveneens bewerkte Pavane van Purcell om dan tot de kern de komen: de oorspronkelijk voor een consort van van een sopraan-, drie tenor- en een basinstrument van de viola- of vioolfamilie met luitsolo door Dowland geschreven Lachrimea or seven teares figured in seven passionate pavanes, die als zodanig in deze rubriek onder Dowland zijn besproken. Het gaat om een sequens  van variaties die telkens beginnen met het Lachrimae thema en zich vervolgens tot ander materiaal ontwikkelen dat van het ene naar het andere stuk wordt doorgegeven. De benaming Pavane verwijst naar een vroeg zestiende eeuwse hofdans, maar hier wordt een meer algemene stijl en beslist geen dans bedoeld. Trieste muziek.

Taverners In nomine is oorspronkelijk ook een luisolo en met Joseph Lupo’s Pavane, een ensemblestuk, keren we in de wat triest sfeer terug. Dan volgt een onverwachte sprong naar de twintigste eeuw. Bassano lid Moelker draagt in herinnering aan de gruwelen uit W.O. II een koraal met kamp Westerbork als decor bij en Pàrt, die toch al zoveel langzame muziek schreef, een extra ‘slowly’ uit een onbekend saxofoonkwartet dat op vijf blokfluiten ook goed tot zijn recht komt. 

De cirkel wordt gesloten men een korte terugkeer naar de Middeleeuwen via Jacopo da Bologna (1340-1360) met de bewerking van een driestemmig madrigaal, als origineel o.a. met het Ensemble van de veertiende eeuw te beluisteren valt (Sound MOVE MD 3091).

Daniël Brüggen is allerminst het vijfde rad aan de wagen van het Bassanto kwartet, maar neemt mooi de voortrekkersrol waar met eigen bijdragen. Ook verder maken de interpretaties een heel serieuze, gedegen indruk van een bevlogen musiceren.