SZYMANOWSKI
componisten portretten

SZYMANOWSKI, KAROL (1882 – 1937): IS ZIJN TIJD GEKOMEN?

 

De afgelopen jaren hebben we allerlei "muziekgolven" over ons heengekregen, in de vijftiger jaren beginnend met de "oude Italianen" en de Duitse barok (later dunnetjes "authentiek" overgedaan), de elektronische verlossing van Berlioz en Mahler, de jonge Haydn en Verdi, de opera's van Massenet, de overdreven aandacht voor Satie, de recente gregoriaans rage....

 

"Ik geloof, dat de wereld toe is aan Szymanowski's muziek. Dit behoort tot de mooiste muziek die ooit werd geschreven. Zij bezit zo'n grote spiritualiteit en treffende sereniteit, kwaliteiten die de mensheid nu meer dan ooit nodig heeft", aldus Simon Rattle, die verder opmerkt: "Toen ik het laatste deel uit het Stabat mater hoorde, was ik daar helemaal ondersteboven van: liefde op het eerste gezicht. Het laat je niet meer los. Ik raad iedereen aan om dat zelf te ontdekken. Ik begrijp ook niet, waarom niet ieder zichzelf respecterend violist tenminste één van zijn vioolconcerten op zijn repertoire heeft. En na Mahlers openlijk beleden emotionaliteit moet ook de 3e symfonie van de Pool succesvol kunnen worden."

Karol Szymanowski (1882-1937) was de origineelste Poolse componist sinds Chopin, die hij zeer bewonderde. Szymanowski ook als voorbereider voor zijn landgenoten Lutoslawski, Penderecki en Baird. Toen hij in 1905 in Berlijn muziek ging studeren, bracht hij de overladen Russische harmoniek (Scriabin!) mee en viel de schaduw van Richard Strauss (net klaar met Salome) over hem; later kreeg het Franse impressionisme een grotere invloed op hem. De synthese van deze beide stromingen in de romantische verbeelding van een hypergevoelige aristocraat leverde de muziek uit Szymanowski's middenperiode op: het 1e vioolconcert, Masques, de 3e pianosonate, de opera Koning Roger, de 3e symfonie (Gezang der nacht) en het 1e strijkkwartet. Complexe, doorwrochte muziek vol fraaie kleureffecten. In zijn derde en laatste periode, na zijn terugkeer naar Polen, vereenvoudigde 's componisten muziek, zeker ook in harmonisch opzicht; die muziek werd Poolser dankzij folkloristische invloeden en spreekt makkelijker aan: de prachtige Mazurka's, koorwerken als Stabat mater, Veni creator en Litunia de briljante Concertante symfonie voor piano en orkest, liederen. Gestaalde spieren en harde vuisten wilde de componist inzetten om de Poolse muziek het eigene terug te geven.

Neem de 3e Symfonie. De hypertrofe bezetting weerspiegelt de lijn, die met Mahlers 8e symfonie en Schönbergs Gurrelieder werd ingeslagen. De componist, die dit werk tijdens de eerste Wereldoorlog schreef, geloofde zelf niet aan een uitvoering, maar zei niettemin: "Zo moet het blijven, zoals ik het in mijn dromen graag zou zien." Of pak Koning Roger. Een Byzantijnse kerk met gewelven, bogen en zuilen; op de houten balken bevinden zich geschilderde afbeeldingen met spreuken uit de koran. Hymnisch gezang van monniken en knapen, terwijl het orkest donker, maar rijk gekleurd de basis legt. Zo begint het werk, dat het leven van Roger II, midden 12e eeuw koning van Sicilië, illustreert In het kader van een op het toneel gegeven mysteriespel raakt hij in de ban van een Dionysos-cultus, die een magische aantrekkingskracht heeft: met de complimenten van Nietzsche! Een monumentaal werk, dat duidelijke verwantschap vertoont met Schrekers Der ferne Klang en Merikanto's Juha.

Of Harnasie, een ballet pantomime, die onder bergrovers in het Tatragebied gaat. Een ongelukkige bruid sluit zich vrijwillig bij hen aan. Mandragora daarentegen is een wortel waaruit een de gezondheid bevorderend elixer wordt gebrouwen in de gelijknamige ballet groteske.

Bij de vioolconcerten is te bedenken, dat ze globaal tegelijk met die van Prokofief ontstonden, maar welk een andere wereld! Het Stabat mater werd door de componist geclassificeerd als een Requiem voor de kleine man (de Poolse boer). In werkelijkheid is het een heel imposant werk, dat sterke volksmuziekinvloeden heeft en zelfs niet zozeer ritualistisch is als wel een auto-erotische belevenis; Szymanowski was homoseksueel.

Niet toevallig is Szymanowski het toegankelijkst via zijn liederen.

Szymanowski, schoolvoorbeeld van een outsider-figuur, deed weinig om populair te worden, maar zijn muziek zou nu zeker populair kunnen worden. Zeker voor muziekliefhebbers van verborgen kunst zullen gefascineerd zijn door de verfijnde en extatische schoonheid van zijn muziek, die zich met succes beweegt tussen laatromantiek en expressionisme. Hoezeer deze muziek ook tussen Westeuropese-, Russische en oosterse invloeden pendelt, onpersoonlijk is zij nooit.

 

DISCOGRAFIE

Symfonie no. 3 (Lied van de nacht); Stabat mater; Litania. Elzbieta Szmytka, Florence Quivar, Jon Garrison en John Connell met het Birmingham symfonie orkest en -koor o.l.v. Simon Rattle. EMI 555.121-2.

Symfonieën no. 2 en 3; Concert ouverture. Wieslav Ochman met het Pools nationaal omroeporkest o.l.v. Jacek Kasprzyk c.q. Jerzy Semkov. EMI 565.082-2.

Vioolconcerten no. 1 en 2 ; 3 Paganini caprices; 10 Romancen. Thomas Zehetmair met het Birmingham symfonie orkest o.l.v. Simon Rattle c.q. Silke Avenhaus. EMI 555.607-2.

Vioolconcerten no. 1 en 2; Nocturne en Tarantella. Josef Kulka met het Pools staatsfilharmonisch orkest o.l.v. Karol Stryja. Marco Polo 8.22391.

Strijkkwartetten no. 1 en 2; Webern: Strijkkwartetdeel. Carmina kwartet. Denon CO 79462.

Vioolsonate; Mythen; Nocturne en tarantella. Lydia Mordkovitch en Marina Gusk-Grin. Chandos CHAN 8747.

Mythen; Kurpisch volkslied; Roxana's aria uit Koning Roger; Franck: Vioolsonate. Kaja Danczowska en Krystian Zimerman. DG 431.469-2.

16 Etudes; Scheherazade; 2 Marzurka's; Variaties over een Pools volksthema. Ariëlle Vernède. Canal Grande CG 9110.

Etudes; Fantasie; Masques; Métopes. Dennis Lee. Hyperion CDA 66409.

Harnasie; Mandragora. Jozef Stépien, Paulus Raptus en het ensemble van de Poolse Opera o.l.v. Robert Satanowski. Schwann 311.064.

Liederen. Dorothy Dorow en Rudolf Jansen. Etcetera KTC 1090.

Koning Roger; Symfonie no. 4 (Concertante symfonie). Thomas Hampson, Elzbieta Szmytka, Philip Langridge, Ryszard Minkiewicz, Robert Gierlach en Jadwiga Rappé c.q. Leif Ove Andsnes met het Birmingham symfonie orkest o.l.v. Simon Rattle. EMI 556.823-2 (2 cd’s).