MOZART: COSÍ FAN TUTTE, BYCHKOV
DVD Recensies

Mozart: Così fan tutte KV. 588. Corinne Winters (s., Fiordiligi), Angela Brower (s. Dorabella), Daniel Behle (t. Ferrando), Alessio Arduini (bs., Guglielmo), Johannes Martin Kränzle (bs., Don Alfonso), Sabina Puèrtolas (s., Despina) met het Ensemble van Covent Garden, Londen o.l.v. Semyon Bychkov. Opus Arte OA 1260 D (dvd , 3u., 12’01”). 2017

Er bestaat niet zoveel achtergrondinformatie over deze laatste van het drietal komedies van Mozart en Da Ponte. Het is een geraffineerde oefening in listigheid en klucht, onderbouwd met verlichtingsfilosofie, waarin de cynische Don Alfonso wedt met twee soldaten over de trouw van hun verloofdes en hen aan te moedigen nom zich te vermommen en de verloofdes van de ander te verleiden.

Het libretto van Da Ponte is een meesterwerk, een mengeling van muziekgezindheid, vormbeheersing en en prachtige dictie, gekenmerkt door veel literaire invloeden. 

Opmerkelijk is het basale verschil in ernst waarmee Mozart en Da Ponte de situatie van de beide jonge paartjes bezagen. In de tekst worden ze. doeltreffend op elegant komische wijze behandeld.

De muziek echter varieert van een heerlijke parodie op de opera seria tot enkele van Mozarts meest gepassioneerde emotionele uitingen. Al met al blijft het tot het eind spannend of de geliefden naar hun oorspronkelijke partners terugkeren. Misschien is deze opera daarom diep onder zijn welluidende mediterrane huid wel een heel wreed werk.

In de Londense productie van Jan Philipp Gloger begint het werk tijdens de ouverture met de protagonisten keurig in kleding uit die tijd vóór het gordijn en beginnen nze als leden van het publiek. Gloger en decorbouwer Ben Baur volgen deze lijn en laten de handeling plaatsvinden in de theaterfoyer, een treinstation, een cocktailbar en de tuin van Ede. Dat is even wennen. Het accent komt zo erg te liggen op de ondertitel ’school voor geliefden’.

Zo voert Johannes Martin Kränzle zijn slachtoffers als een handige manipulator door een aantal situaties, daarbij slim terzijde gestaan door een geestdriftige Despina van Sabina Puértola die soms wonderlijk gekleed gaat, even zelfs als oud-testamentische profeet.Maar zingen doet ze mooi. Als Fiordiligi wordt Corinne Winters behoorlijk op de proef gesteld door Bychkovs gezwollen tempi en de lage noten in haar partij, vooral in ‘Come scoglio’ maar in ‘Per pietà; laat ze dan weer prachtige dingen horen. Angela Brower is een gedegen Dorabella, met zijn zijdeglanzende bariton is Alessio Arduini een puike Guglielmo en Daniel Behle laat ook mooie momenten horen, vooral in ‘Un aura amorosa’.

Blijft de vraag in hoeverre de ingrepen van de regie tegen bij herhaling kijken bestand zijn. Er zijn alleen al op dvd uitwijkmogelijkheden genoeg met opnamen van Harnoncourt met Cecila Bartoli (ArtHaus 100.012), Gardiner (Archiv 073-026-9), Solti (Cascade 2006), Östman (ArtHaus 102.005),  Barenboim (Euro Arts 205.223-8), Muti (Opus Arte OA LS 3006 D) en nog eens met Barbara Frittoli (Medici Arts 2072368), Pritchard (ArtHaus 101.081), Ciardi (Membran 230042), Smith (Decca 071-4139), Harnoncourt 2 met Edita Gruberova (DG 073-4237), Honeck (Decca 074-3165), Metzmacher (Opus Arte OA 3020B), Harding (Virgin 3447-1695), A. Fischer (Euro Arts 207-2538), Welser-Möst (ArtHaus 101.495) en Cambreling (C Major 714508) en beste van al, dus mijn favoriet Nichools Hytner met Misah Person, Anke Vondung, Ainhoa Garmendia, Topi Lehtipuu Luca Pisaroni enn Nicolas Rivenq en dirigent Ivan Fischer met leden van de Glyndebourne Opera  en met het Orkest van de Age of enlightenment (Opus Arte OA 0970 D) uit 2006.