Fonografie Muziek

FILMMUZIEK

FILM EN MUZIEK – EEN SPECIALE RELATIE

 In 1995 bestond de cinema een eeuw. Soundtracks van films zijn populair. Wat maakt de bijzondere aantrekkingskracht uit van de combinatie beeld en geluid? Waarom werden componisten naar Hollywood gelokt en wat voor meesterwerken ontstonden als filmmuziek? Kunt U zich Jaws voorstellen zonder het dreigend versnellende thema van John Williams als de haaienvin voor het eerst op het filmscherm verschijnt? Is The piano denkbaar zonder pianogeluiden? Of hoe vreemd zou Janet Leighs douchescène uit Hitchcocks Psycho zijn zonder de begeleiding van Bernard Herrmanns doordringende, scherpgetande orkestpartituur?“Filmmuziek”, zei Herrmann, “kan de innerlijke gedachtenstroom van de figuren intensiveren, kan een scène vervullen met een gevoel van angst of vrolijkheid, kan de dialoog vaart verlenen of vertragen en vormt de communicerende schakel tussen het scherm en het publiek.” In de schier eindeloze afwisseling van de filmmuziek valt echt van alles te ontdekken van de hevig symfonische zwijmeleffecten in de liefdesmuziek van Steiners Gone with the wind tot de circus polka’s en Siciliaanse ritmen van Nino Rota’s La strada en Godfather TV serie.In de loop der tijd werden film biografieën gewijd aan componisten als Bach, Mozart, Beethoven, Chopin, Liszt, Tschaikovsky om maar een paar der belangrijksten te noemen. Ook de verfilmde opera’s, operettes, musicals en balletten kunnen we buiten beschouwing laten. Er is zelfs een soort remake van Beethoven: Immortal beloved. Daar was de keus voor eigen werk voor de hand liggend. Maar daarnaast is er bijvoorbeeld de biografie van de achttiende eeuwse castraat Farinelli. De soundtracks van dergelijke films zijn gevraagd en stimuleren aan beide kanten – film- en muziekliefhebbers – de verkoop. Dat is eerder het geval geweest met de populariteitsbevorderende films Amadeus voor Mozart, Death in Venice voor Mahler en Brief encounter voor Rachmaninof. Maar hoe staat het met de componisten die speciaal voor de film schrijven? Wat zijn hun belangrijkste werken en naar welke films moeten we kijken om deelgenoot te worden van hun beste muziek?“De muziek is er om de sfeer te verhogen, de plot en de figuren te belichten, om op onderliggende complicaties te attenderen en om de film echt te activeren”, zegt George Fenton, een van de succesvolste huidige filmmuziek componisten die twee Oscars won voor Cry freedom en die werd genomineerd voor een viertal meer met daaronder Gandhi, Liaisons dangereuses en The fisher king. “Het is de taak van de componist om de bedoelingenfilm te duiden en om vervolgens waar de film over gaat genietbaarder, pakkender, toegankelijker te maken. Hij is de laatste persoon in een proces die op het beeld kan reageren en er een interpretatie aan kan geven.”Componisten van filmmuziek moeten heel pragmatisch zijn. Ze hebben vaak onmogelijke deadlines en krijgen niet zelden absurde eisen vooraf. Victor Young, de componist van Shane, die midden jaren dertig uit Polen naar Hollywood was gekomen, werd ooit door de producer gezegd dat hij voor de vrouwelijke hoofdpersoon muziek in majeur en voor de manlijke dito in mineur moest schrijven. Waar ze samen op het scherm verschenen moest de muziek zowel in majeur als in mineur zijn.Voordat het tijdperk van de stomme film eindigde in 1926 hoefden producers zich geen zorgen te maken over de interactie van beeld en geluid. Maar in dat jaar huurde Darryl Zanuck van Warner die gebruik maakte van het Vitaphone systeem het New York filharmonisch orkest om de muziek bij zijn Don Juan te spelen. Die film werd in 1927 gevolgd door The jazz singer, waarin Al Jolson zeven songs zong en 281 woorden sprak, inclusief “You ain’t heard nothin’ yet”. Daarna sloeg MGM in 1929 een grote slag met de film Broadway Melody. Dat was de eerste verfilmde musical die meteen een Oscar won.Hollywood werd een magneet die “klassiek” getraind Europees talent aantrok. Erich Korngold kwam uit Brno, Franz Waxman uit Berlijn, Dimitri Tiomkin uit Sint Petersburg, Miklós Rózsa uit Boedapest. Maar de ontwikkeling voor symfonische filmmuziek heeft haast meer te danken aan Max Steiner (1888-1971) uit Wenen. Hij had reeds naam gemaakt als musicus in Europa en New York voordat hij naar de filmhoofdstad ging. Daar vestigde hij zijn reputatie met zijn partituur voor Cimmaron, de Oscar winnende beste film uit 1931. Vervolgens, daartoe aangemoedigd door David O. Selznick, maakte hij een enorme sprong voorwaarts door de muziek te schrijven voor meer dan de helft van de speelduur van Symphony of six million. Later datzelfde jaar was zijn muziek bij The bird of paradise tijdens de hele duur te horen. Zijn pionierwerk in de nog jonge industrie hield onder meer het gebruik van Leitmotive in de geest van de opera in. Telkens terugkerende thema’s die een persoon of een plek uitbeeldden. Zijn muziek hielp ook aanzienlijk om de gevoelstoestanden van de actrices en acteurs te illustreren, met name in King Kong (1933), waar de emoties van de reuzenaap duidelijk werden gemaakt.Het concept om het bioscooppubliek met behulp van muziek situaties duidelijk te maken – datgene wat in dialogen niet tot gelding kwam – werd al gauw aanvaard als een van de belangrijkste functies van de filmmuziek. Steiner won Academy Awards met The informer (1935), Now, voyager (1942) en Since you went away (1944). Maar zijn blijvende faam berust op zijn partituur voor Gone with the wind (1939). Het is een algemeen aanvaarde praktijk dat om de tijddruk aan te kunnen componisten van filmmuziek gebruik maken van orkestrators. Steiner had drie maanden om de muziek bij Gone with the wind te schrijven, maar moest tegelijkertijd ook aan drie andere filmmuzieken werken. Hij schreef gedetailleerde steno partituren op vier notenbalken die hij vervolgens aan vijf orkestrators gaf. Twee uur en zesendertig minuten van zijn compositie werd uiteindelijk in de film gebruikt.Vanwege hun klassieke achtergrond vonden diverse componisten van filmmuziek van zijn generatie de energie en de wil om ook voor de concertzaal te schrijven.Erich Korngold (1897-1957) was ooit een wonderkind. Zijn eerste opgave in Hollywood was het maken van een arrangement van Mendelssohns muziek voor A midsummer night’s dream (1935). Hij had kort daarna ook succes met zijn muziek bij Anthony Adverse (1936), The adventures of Robin Hood (1938) en The sea hawk (1940). Zijn muziek was meeslepend en romantisch en net als Steiner gebruikte hij zijn thema’s om persoonlijkheden en emoties te bekrachtigen. Hij componeerde ook een mooi vioolconcert, een sinfonietta voor groot orkest, diverse sonates, strijkkwartetten en liederen.Frank Waxman (1906-1967), beroemd geworden dankzij de films Sunset Boulevard (1950) en A place in the sun (1951), schreef een sinfonietta voor strijkorkest en slagwerk. En, van meer recente datum, werd de Amerikaan Jerome Moross (1913-1983) niet alleen bekend dankzij de films The big country van Wyler uit 1958, maar ook dankzij z’n symfonieën.Miklós Rózsa (1907- 1995) was tot nu toe waarschijnlijk het succesvolst in het combineren van bioscoop en concertzaal. Zijn lijst met filmsuccessen is lang en omvat onder andere Double indemnity, Quo vadis, King of kings, Ivanhoe, Spellbound, El Cid en Lust for life. Met Ben Hur vestigde hij een record met de langste filmmuziek. Hoewel zijn muziek er veel toe bijdroeg om plaats en tijd in de muziek te definiëren, verried het karakter van die muziek vaak zijn Hongaarse afkomst. Zijn concertante werken zijn vaak uitgevoerd door Jascha Heifetz, Pinchas Zukerman, Leonard Bernstein en André Previn. Een interessant voorbeeld is zijn vioolconcert, dat later geschikt werd gemaakt voor Wilders The private life of Sherlock Holmes (1970). Slechts weinig componisten van filmmuziek waren zo succesvol bij de cross-over van film naar “serieuze” muziek.Historisch gezien is ook de Amerikaan Bernard Herrmann (1911-1975) een reus. Als jongeman raakte hij betrokken bij de filmindustrie, maar hij dirigeerde toen ook al het New York filharmonisch orkest en ondanks zijn enorm succesvolle bijdragen aan de film, koesterde hij zijn leven lang de wens om een wereldberoemd dirigent te worden. Die ambitie werd met name doorkruist door Orson Welles die hem vroeg om muziek voor zijn Mercury Theatre radiodrama’s (hoorspelen) te schrijven. Dat leidde er al snel toe dat Herrmann ook de muziek componeerde bij de bekende films van Welles, Citizen Kane (1941) en The magnificient Ambersons (1942). Hij arrangeerde daarna die Kane partituur als orkestsuite Welles raises Kane. In het midden van de jaren vijftig raakte hij nauw verbonden met de films van Alfred Hitchcock, acht in getal. Nauwelijks is te overschatten hoezeer die muziek bijdroeg aan het succes van die films. Zijn beste werk verrichtte hij voor Vertigo (1958), North by northwest (1959) en Psycho (1960).Wat Herrmann waarschijnlijk het meest van de anderen onderscheidt, is, dat hij zelf de orkestratie geheel verrichtte. Bijzondere kenmerken van zijn unieke sound waren de houtblazers en het koper, spelend in hun laagste registers en de ongebruikelijke en ongewone instrument combinaties. Zijn genie hield stand tot het eind van zijn leven. In de jaren 1970 werd hij door wat filmblagen uitgenodigd om muziek te schrijven bij Brian de Palma’s Sisters (1973) en Obsession (1976) en bij Martin Scorcese’s Taxi driver (1976). Deze, zijn laatste partituur met zijn sfeervolle aanzwellende akkoorden en zijn glorieuze saxofoon, was uitstekend. Toen Scorcese zijn versie van Cape Fear in 1991 maakte, nam hij opnieuw de oorspronkelijke muziek van Herrmann uit 1961 op. Hermann schreef ook een opera, Wuthering heights en een cantate Moby Dick.Net als Herrmann en Hitchcock bonden andere componisten zich aan een enkele regisseur met als gevolg groot succes voor beiden. John Williams (niet te verwarren met de gitarist) heeft tenminste veertien partituren geschreven voor films van Steven Spielberg. In een tijdperk van meer en meer pop- en synthesizer filmmuziek heeft Williams meer dan wie ook gedaan om de duidelijk symfonische traditie van Bernard Herrmann,Korngold en Steiner hoog te houden. Williams ontving vier Academy Awards voor zijn originele muziek: voor Jaws (1975), Star wars (1977), ET (1982) en Schindler’s list (1993). Hij keerde terug tot Herrmanns Psycho om de inspiratie voor Jaws te vinden; de muziek zit vol Europese invloeden en weerspiegelt Williams’ voorliefde voor Russische componisten. Om de herleefde populariteit van de symfonische partituur na Star wars te illustreren, is het nuttig eraan te herinneren dat de daarop volgende partituur voor The empire strikes back eerst als soundtrack uitkwam, nog voordat de film in première ging. Williams heeft ook heel wat concertmuziek geschreven, onder meer concerten voor viool ven fluit. En verder twee symfonieën. De intensiteit van zijn schrijfwijze voor viool blijkt ook uit Itzhak Perlmans spel in Schindler’s list.Sinds de jaren zestig werd de vraag naar symfonische filmmuziek geringer en werd jazz populair. Alex North (1919-1991) begon deze trend met A streetcar named desire (1951), gevolgd door Elmer Bernstein met The man with the golden arm (1955). In Love with the proper stranger (1964) combineerde Bernstein de muziek met het verhaal over een jazzmusicus. Casavetes’ Too late blues (1962) had ook een jazz groep achtergrond en David Raskins muziek weerspiegelde dat, terwijl Johnny Mandels jazz idioom de juiste stemming kweekte voor I want to live (1958). Toen de aandacht voor jazz verflauwde, waren rock en pop niet meer te stuiten. Dat leverde nieuwe, eigen componisten van filmmuziek op, zoals Giorgio Moroder met American gigolo (1980)  en Vangelis met Charriots of fire (1981). De synthesizer verving geleidelijk het orkest en tegen 1990 hadden synthesizer en popmuziek de overhand. Producers verlangen nu heel zakelijk soundtracks die in commercieel opzicht zelfstandig een succes kunnen worden in cd formaat. Tarantino’s Pulp fiction met de volledige pop historie is daarvan een goed voorbeeld: een bestseller. Iemand als Michael Nyman heeft de bioscoop ontdekt als zijn meest lucratieve medium. Hij vestigde een verkooprecord met de soundtrack van Jane Campions The piano. George Fenton behoort mogelijk tot de laatste der Mohikanen met zijn orkestmuziek bij Richard Attenboroughs Shadowlands.En Nederland? Twee componisten speelden tot nu toe op het gebied van de filmmuziek een belangrijke rol. Robert Heppener (1925- ) componeerde voor Theo van Haren Nomans Een leger van gehouwen steen, Frans Weisz’ Het gangstermeisje (1966) en Bert Haanstra’s De stem van het water (1966). Ook Otto Ketting (1935-  ) werkte voor Haanstra. Het bekendst werd zijn aandeel in Fanfare (1958) en Alleman (1964). Ook schreef hij muziek bij A. Pendry’s The river must live (1967). 

De tien succesvolste filmpartituren van klassieke componisten

Prokofiev: Alexander Nevsky; Ivan de Verschrikkelijke; Luitenant KijéVaughan Williams: Scott of the Antarctic; 49th Parallel; Coastal command; The England of Elisabeth.Copland: The heiress; The city; Of mice and men; Our town; The red ponyShostakovitch: Hamlet; King Lear; De avonturen van Korzinkina; Alleen; De val van Berlijn; 5 Dagen, 5 nachten; De horzel; Nieuw Babylon; Pirogof; Sofia Petrofskaya; Het verhaal van de domme kleine muis; Het onvergetelijke jaar 1919; De jonge garde; Zoya.Auric: Moulin rouge; La belle et la bête; Passport to Pimlico; The Titfield thunderbolt.Arnold: David Copperfield; Bridge on the river Kwai; Hobson’s choice; The inn of the 6th happiness; The roots of heaven; Whistle down the wind; You know what sailors are.Bennett: Murder on the Orient Express; Four weddings and a funeral; Equus; Far from the maddening crowdWalton: Henry V; Hamlet; As you like it; Macbeth; Richard III; Major Barbara; The battle of Britain; The first of the few; Escape me never; The three sisters.Bliss: Things to come (in 1936 de eerste los leverbare soundtrack); Christopher Columbus; Conquest of the air; Seven waves away.Nyman: The piano; Carrington; The cook, the chief, his wife and her lover; The draughtsma’s contract; Drowning by numbers; Gattaca; Prospero’s books; La traversée de Paris; Water dances; A Zed and two noughts. 

De top vijftig films die gebruik maken van klassieke muziek

Soms horen we onaangekondigd ineens een vertrouwd stuk klassieke muziek tijdens een film. Vaak herkent men het onmiddellijk, soms blijft het gissen. Ter wille van wat meer duidelijkheid hier een lijstje van de 50 bekendste voorbeelden van films waaraan klassieke muziek te pas kwam. Opnieuw wordt in deze lijst geen rekening gehouden met filmversies van opera’s, operettes, musicals en balletten. 1 10 Ravel: Boléro2 2001: A space Odyssey. R. Strauss: Also sprach Zarathustra; J. Strauss II: An der schönen blauen Donau; Ligety: Atmosphères; Lux aeterna; Khatchatoerian: Gayaneh.3 32 Korte films over Glenn Gould. Bach: Goldbergvariaties.4 Amadeus. Mozart: Requiem, Symfonieën no. 25 en 29, Pianoconcert no. 20, Eine kleine Nachtmusik.5 Apocalypse now. Wagner: Walkürenritt uit Die Walküre.6 Babette’s feast. Mozart: “La ci darem” uit Don Giovanni.7 Brief encounter. Rachmaninov: Pianoconcert no. 2.8 Children of a lesser God. Bach: Concert voor 2 violen en orkest.9 Clockwork orange. Beethoven: Symfonie no. 9, Rossini: Ouvertures Guglielmo Tell, Barbiere di Siviglia, La gazza ladra, 10 Death and the maiden. Schubert: Strijkkwartet no. 14 Der Tod und das Mädchen.11 Death in Venice. Mahler: Adagietto uit Symfonie no. 5; “O Mensch” uit Symfonie no. 3.12 Diva. Catalani: “Ebben?….” uit La Wally.13 Dr Jekyll and Mr Hyde. Bach: Toccata en fuga in d.14 Elephant man. Barber: Adagio voor strijkers.15 Elvira Madigan. Mozart: Pianoconcert no. 21.16 Excalibur. Orff: Carmina burana; Wagner: Walkürenritt uit Die Walküre.17 Fantasia. Dukas: L’Apprenti sorcier; Beethoven: Symfonie no. 6; Moessorgsky: Nacht op de kale berg; Ponchielli: Urendans uit La Gioconda; Bach: Toccata en fuga in d (orkestratie Stokowski); Stravinsky: Le sacre du printemps; Tschaikovsky: De notenkraker.18 Fatal attraction. Puccini: Madama Butterfly.19 Fearless. Beethoven: Pianoconcert no. 5; Für Elise; Gorecki: Symfonie no. 3.20 Frankie and Johnny. Debussy: Clair de lune.21 Gallipoli. Albinoni: Adagio voor strijkorkest; Bizet: Les pêcheurs de perles.22 Green card. Mozart: Klarinetconcert; Fluit/harpconcert; Fluitconcert no. 1.23 Greystroke. Elgar: Symfonie no. 1; Pomp and circumstance mars no. 4.24 Groundhog day. Rachmaninov: Paganinirhapsodie.25 Hannah and her sisters. Bach: Pianoconcert no. 5; Puccini: “Sola, perduta, abbandonata” uit Manon Lescaut.26 Howards end. Beethoven: Begin Symfonie no 5 (piano arrangement); Grainger: Bridal lullaby.27 Jean de Florette. Verdi: La forza del destino.28 Kramer vs. Kramer. Vivaldi: Concert voor 2 mandolines en strijkorkest.29 Manhattan. Gershwin: Rhapsody in blue; Puccini: Madama Butterfly.30 Meeting Venus. Wagner: Tannhäuser.31 Misery. Beethoven: Mondschein sonate.32 Ordinary people. Pachelbel: Canon in D.33Out of Africa. Mozart: Klarinetconcert.34 Platoon. Barber: Adagio voor strijkers.35 Pretty woman. Verdi: La traviata.36 Prizzi’s honour. Donizetti: L’elisir d’amore; Rossini: Il barbiere di Siviglia.37 Raging bull. Mascagni: Intermezzo uit Cavalleria rusticana.38 Rollerball. Bach: Toccata en fuga in d; Shostakovitch: Symfonie no. 5; Albinoni: Adagio; Tschaikovsky: Romeo en Julia.39 Room with a view. Puccini: “Il sogno di Doretta” uit La rondine; “O mio babbino caro” en “Firenze è…” uit Gianni Schicchi.40 Shining. Bartók: Muziek voor strijkers, slagwerk en celesta.41 Silence of the lambs. Bach: Goldberg variaties.42 Sophie’s choice. Schumann: Kinderszenen.43 Shirley Valentine. Stravinsky: Slot van De vuurvogel.44 Sunday, bloody Sunday. Mozart: trio uit Così fan tutte.45 Tous les matins du monde. Marais: Pièces de viole; St. Colombe: Concerts à deux violes esgales; Lully: Turkse mars; Couperin: Leçons de ténèbres.46 Un coeur en hiver. Ravel: Pianotrio; Vioolsonate; Duo voor viool en cello.47 Unbearable lightness of being. Janacek: Pohadka; Op het overgroeide pad; Strijkkwartet no. 1; Idylle voor strijkorkest.48 Untouchables. Leoncavallo: “Recitar!… Vesta la giubba” uit I pagliacci.49 When Harry met Sally. Mozart: Piano/blaaskwintet.50 Wizard of Oz. Moessorgsky: Nacht op de kale berg.