CAVALLI: AMORI D'APOLLO E DI DAFNE, GLI
CD Recensies - C

Cavalli: Gli amori d’Apollo e di Dafne. Anders J. Dahlin (t., Apollo), Rosa Dominguez (ms., Dafne), Emanuele Galli (s., Aurora), Stephan van Dyck (t., Cefalo), Paola Quagliata (s., Amore) e.a. met Ensemble Elyma o.l.v. Gabriel Garrido. K 617 K 617211/2 (2 c’s, 2u. 36’28”). 2007

 

In 1640 was dit de tweede opera van Cavalli op een libretto van Busenello die ook voor de tekst van Monteverdi’s L’incononazione di Poppea zorgde en, net zoals in het luchthartiger La Calisto gaat het over een ongeoorloofde liefde van Jupiter. Ditmaal niet voor Diana, maar voor Dafne. Dafne ontsnapt tot slot aan haar lot door zichzelf in een boom te veranderen. Verder gaat het natuurlijk over de verwarring tussen goden en godinnen.

Onderweg ontmoeten we ook Titone – onsterfelijk, maar wel ouder geworden – met zijn vrouw Aurora, die iets heeft me Cefalo wiens vrouw Procri daardoor ontroostbaar is. Op zijn beurt is Venus ontsteld enzovoorts, enzovoorts. Voor een paar komische scènes zorgt de oude vrouw Cirilla.

Van deze opera is slechts één uitgave in manuscriptvorm beschikbaar en zelfs daaraan zouden vier taferelen ontbreken.

Deze studio opname is beter dan de wat eerdere zaalopname van Zedda (Naxos 8.660187/8). Uiteraard klinkt op K 617 alles ook authentieker en niet gefilterd door negentiende eeuwse opvattingen. Een voordeel is verder dat elke rol een eigen, gelukkig doorgaans goede solist heeft.