CD Recensies

MASCAGNI: CAVALLERIA RUSTICANA, KARAJAN, LEVINE, SERAFIN

Mascagni: Cavalleria rusticana. Fiorenza Cossotto (s), Carlo Bergonzi (t), Giangiacomo Guelfi (b), Adriane Martino (ms), Maria Gracia Ellegri (ms) met het Ensemble van La Scala, Milaan o.l.v. Herbert von Karajan. DG 457.764-2 (1u 20’32”). 1965

 

Mascagni: Cavalleria rusticana. Renata Scotto (s), Plácido Domingo (t), Pablo Elvira (b), Isola Jones (ms), Jean Kraft (ms) met het Ambrosian operakoor en het Nationaal filharmonisch orkest o.l.v. James Levine. RCA RD 83091, 74321-39500-2 (1u 10’35”). 1978

 

Mascagni: Cavalleria rusticana. Maria Callas (s), Giuseppe di Stefano (t), Anna Maria Canali (a), Rolando Panerai (b) met het Ensemble van La Scala Milaan o.l.v. Tullio Serafin.  EMI 556.287-2, 586.830-2, Naxos 8.111025 (1u 12’23”). 1953

 

De handeling van Cavalleria rusticana speelt op Sicilië en draait rond de relatie tussen Santuzza en Turiddu. Voordat die handeling begint, had Turidu Santuzza verleid, maar haar in de steek gelaten voor Lola, een voormalige minnares die nu is getrouwd met Alfio. Materiaal genoeg voor conflict. Want als wraak bekent Santuzza dit alles aan Alfio die woedend wordt en tenslotte Turiddu in een duel achter de kerk doodt. Om het pathos te vergroten, gebeurt dit alles op Eerste Paasdag.

Het is een goedkoop, cynisch verhaal dat de nodige overeenkomst vertoont met Leoncavallo’s I pagliacci, de opera waarmee het stuk van Mascagni in het theater vaak in één voorstelling wordt gecombineerd, maar in muzikaal opzicht is Mascagni sterker; in melodisch opzicht is het even rijk als de opera’s van Puccini.

Het intermezzo uit deze opera horen we regelmatig in tv advertenties, maar het beste van deze opera is geconcentreerd in het laatste kwartier. Daar zingt  de tenor Turiddu zijn prachtige testament over de wonderen van de wijn, ‘Viva il vino’ en zijn slotklacht ‘Mama, quel vino e generoso’ als ontroerend slot.

Alfio’s inbreng is 1 deel opschepperij, 1 deel ballast, maar Santuzza krijgt een paar prachtige momenten, vooral met ‘Voi lo sapete’ waarin ze over haar verraad vertelt.

Cavalleria rusticana vergt veel van de zangers, maar is ook een opera die de leiding van een krachtige dirigent vergt om de vaart en de spanning erin te houden. Karajan, Levine en Serafin hebben gemeen dat ze de muziek en ook het drama heel intens erin hameren. Verder sentimentaliseren ze het geheel gelukkig ook niet. Bergonzi, Domingo en Di Dtefano zijn viriele goede antihelden en Scotto, Callas en Cossotto hebben ideale stemmiddelen. Natuurlijk steelt Callas de show in haar opname, maar met Di Stefano en Gobbi maakt ze er een groots drama van. Bij Karajan valt ook nog de grote inzet van het Scalakoor op, hier klinkt muziektheater op zijn best. Zijn zangers verkeren in topvorm. Het team Scotto en Domingo laat de vonken vliegen bij Levine en ze maken hun gevoelens haast tastbaar.

Dit zijn nog steeds de drie mooiste, grappig genoeg vooral oudere opnamen. Mogelijke verdere alternatieven bieden Caballé/Carreras/Muti (EMI 763.650-2) en Freni/Pavarotti/Patanè (Decca 414.590-2).