BACH, C.P.E.: CELLOCONCERTEN, COIN
CD Recensies - B

Bach, C.P.E.: Celloconcerten in a Wq. 170, H. 432, Bes Wq. 171, H. 436 en A Wq. 172, H. 439. Christophe Coin met het Barokorkest Sevilla. Passacaille 1043 (68’40”). 2014

‘Bach is de vader. Wij zijn de kinderen’ schijnt Mozart een keer tegen Gottfried van Swieten te hebben gezegd. Maar de Bach die Mozart als zijn vader bestempelde, was niet Johann Sebastian, maar diens tweede zoon Carl Philipp Emanuel die in 1714 werd geboren en die aan het eind van de achttiende eeuw populairder was dan zijn vader.

Vooral in zijn Berlijnse en Potdamse tijd schreef hij heel wat concerten. De meeste voor klavecimbel, drie voor cello tussen 1750 en 1753, een paar voor fluit en eentje voor viool.

Aan opnamen van het drietal Celloconcerten, dat samen precies op een cd past heeft het nooit ontbroken, ‘authentieke’ en ‘traditionele’ van Julian Steckel (Hänssler HC 15045), Raphael Wallfisch (Nimbus NI 5848), Truls Mørk (Virgin 695-492-2), Anner Bijlsma (Virgin 790.800-2), Hidemi Suzuki (BIS CD 807) en Timothy Hugh (Naxos 8.5532998) waarbij vooral Wallfisch hoog stond aangeschreven.

Het zijn kostelijke werken op de grens van barok naar klassiek die we veel te weinig in de concertzaal te horen krijgen. Er bestaan alternatieve versies van voor fluit en klavecimbel, maar de cellovorm is het dierbaarst, ook al ligt de partij voor da t instrument wat laag. De snelle delen zitten vol aanstekelijke energie en de middendelen zijn teer lyrisch.

Coin, specialist in oude muziek, verleent de werken op soepele manier een lichte toets en zorgt met het Spaanse orkest voor een heldere textuur. Heel welsprekend en verfrissend.