BEETHOVEN: SYMFONIEËN NR. 1-9, KUBELIK
CD Recensies - B

Beethoven: Symfonieën nr. 1 in C op. 21 en 4 in Bes op. 60. Londens symfonie orkest en Israël filharmonisch orkest o.l.v. Rafael Kubelik. Pentatone PTC 5186-248 (62’10”). 1974/5

Beethoven: Symfonieën nr. 2 in D op. 36 en 5 in c op. 67 ’Noodlot’. Concertgebouworkest c.q. Boston symfonie orkest o.l.v. Rafael Kubelik. Pentatone PTC 5186-249 (72’09”). 1974/3

Beethoven: Symfonieën nr. 6 in F op. 68 ‘Pastorale’, 7 in A op. 92 en 8 in F op. 93. Resp. Orchestre de Paris, Weens filharmonisch orkest en Cleveland orkest o.l.v. Rafael Kubelik. Pentatone PTC 5186-250 (1u., 51’13”). 1974/5

Beethoven: Symfonie nr. 9 in d op. 125 ‘Koorsymfonie’. Helen Donath (s), Teresa Berganza (a), Wieslaw Ochman (t) en Thomas Stewart (bs) met    koor en orkest van de Beierse omroep o.l.v. Rafael Kubelik. Pentatone PTC 4186-253 (69’48”). 

De Beethovencyclus van Kubelik die door DG in de jaren zeventig (dus nog analoog) vrij opvallend met telkens een ander orkest werd opgenomen (DG 471.521-2) ontstond in de korte periode dat quadrafonie in ontwikkeling was en als ‘de’ toekomst voor geluidsopnamen werd gezien. Daarvoor werden een paar incompatibele systemen ontwikkeld die niet levensvatbaar bleken. Geen wonder, want bij geen van de bezochte demonstraties heb ik veel realistisch geloofwaardigs gehoord. Wel moeten er honderden meerkanaals opnamen zijn gemaakt.

Klankmagiër Leopold Stokowski beweerde ooit dat voor een realistische luisterervaring in de huiskamer een opname en weergavesysteem moest worden ontwikkeld dat de luisteraar thuis net zoals in de concertzaal met geluid omringde. 

Ik herinner me een experiment in de Londense Royal Festival Hall eind jaren vijftig waarin met een uitgebreid systeem geprobeerd werd ‘live’ versus ‘recorded’ onder één noemer te brengen. Het werd een mislukkig. 

Ook de Amerikaanse luidsprekerbouwer heeft ooit geëxperimenteerd met een veeltallig luidsprekersysteem. Het is allemaal een stille dood gestorven.

In Nederland houdt als vrijwel enige Pentatone nog aan dat dubieuze concept vast. Aardig voor diegenen die over een volwaardig meerkanaals systeem beschikken.

Natuurlijk zijn deze cd’s ook gewoon in stereo te genieten, maar dan hebben we de tussenkomst van Pentatone niet nodig en voldoet het DG origineel.

Op zichzelf is Kubeliks Beethovencyclus best sympathiek en goed. Hij getuigt van een goed inzicht, zorg voor details en perspectief. Maar er zijn nog overtuigender uitgaven van bv. Harnoncourt (Teldec 3984-28144-2),  Abbado (DG 477.5864-2) en Gardiner (Archiv 439.900-2).

Kubelik lijkt alleen nuttig voor zijn bewonderaars en voor bezitters van een goede meerkanaals installatie.