CD Verzamelprogramma's

GIROD, MARIE-CHRISTINE: REGARDS DE FEMMES

Marie-Catherine Girod: Regards de femmes. Farrenc: ‘Cavatine de Bellini’s Norma’ Les italiennes op. 14/1; de Montgeroult:’Allegro agitato conn fuoco’ uit Pianosonate in f op. 5/2; Bon di Venezia: Ged. uit Klavecimbelsonate in g op. 2/1; Beach: ‘Dancing leaves’ op. 102/2, ‘Scottish legend op. 54/1; Backer-Grøndahl: ‘Sketch’ op. 19/2; Schumann, C.: ‘Romance’ in a op. 21/1; Mendelssohn, F.: ‘Wanderlied’ uit Liederen voor piano op. 8; Smyth: ‘Variations on an original theme’ in Des; Bonis: ‘Mélisande’ op. 34; Barbillion: ‘Bord de mer, le soir’, Provence nr. 1; Boulanger, L.: ‘D’un vieux jardin’; Bosmans: ‘Préludes’ nr.  1-6; Tailleferre: ‘Impromptu’ in E; Chaminade: ‘Toccata’ op. 39; Park: ‘Menuet’ uit Klavecimbelsonate in F op. 4/1; Zumsteg: ‘Polonaise’ nr. 3; Gottschalk-Peterson: ‘Staccata polka’. Mirare MIR 574 (79’39”). 2020
 
De Franse pianiste Marie-Catherine Girod vestigt met deze cd als pedagoge de aandacht op een stel deels bekende, deels onbekende en verwaarloosde componistes wie werken zoals hier blijkt best de moeite waard zijn. Gelukkig richt ze zich niet alleen op landgenoten, maar kijkt ze ook ver over de grenzen heen. De meeste bijdragen komen uit de negentiende en twintigste eeuw, maar er bevindt zich ook preromantische klassieke muziek bij. De vroegste bijdrage is van Anna Bon di Venezia (1739 - 1767), de dochter van beroepsmusici die posities bekleedde aan verschillende Europese hoven. Haar Sonate in g is een  heel levendige affaire, net als het ‘presto’ uit de Sonate op. 5/3 van de française Hélène de Montgéroult (1764 - 1836). De reeks improvisaties over ‘La Marseillaise’ daaruit was voldoende om haar nek te sparen door het Committee voor openbare veiligheid tijdens de Franse revolutie. 
Op bekender terrein komen we met de compacte ‘Romance’ van Clara Schumann, het ‘Wanderlied’ vol verlangen van Fanny Mendelssohn en de bijdrage van Louise Farrenc die de laatste tijd erg in de belangstelling staat.
De ‘Variaties op een oorspronkelijk thema’ van de Engelse suffragette en componiste Ethel Smyth (1858 - 1944) hebben in kort bestek iets majestueus en intrigerends. Jeanne Barbillion (1895 - 1992) levert een aardige impressionistische bijdrage en in de ‘Préludes’ van Henriëtte Bosmans (1895 - 1952) zijn echo’s van Rachmaninov te horen, met name in nr. 2 en 3.
De Noorse feministe en componiste Agathe Backer Grøndahl (1847 - 1907) heeft eveneens wat moois te zeggen in haar ’Sketch’. Amy Marcy Cheney Beach keert als bekende verschijning even terug. Een echt prachtige Impromptu van Germaine Tailleferre (1892 - 1983) en een heel pittige ‘Toccata’ van Cécile Chaminade (1857 - 1944) voltooien dit waardevolle recital. In het hele, ook in de niet gespecificeerde andere werken van dit recital combineert Girod’s spel grote blijken van virtuositeit met hoorbare speelvreugde (soms hoort men haar neuriën).