OUSTRAC, STÉPHANIE D': UNE SOIRÉE CHEZ BERLIOZ
CD Verzamelprogrammas

Stéphanie d’Oustrac: Une soirée chez Berlioz. Martini: ‘Plaisir d’amour’; Berlioz: ‘Viens, aurore’ uit Lélu; ‘Vous qui loin d’une amante’ uit Romances d’Estelle (bew.); ‘La captive’ op. 12; ‘O ma Georgette’ uit Philippe et Georgette (bew.); ‘Ah! Pour l’amant de plus discret’, ‘Que d’établissements nouveaux’ uit L’opéra comique (bew.); ‘Le sentiment d’amour’; ‘Danse des sylphes’ de La damnation de Faust; L’idée fixe S. 395; ‘Le jeune pâtre Breton’ uit Fleurs des landes (bew.); ‘Fleuve du Tage’; ‘Elégie en prose’ op. 2/9; ‘Bocage que l’aurore’ uit Cercle ou la soirée à la mode; ‘Marche des pélerins’ uit Harold en Italie S. 473; Ferranti: ‘Les regrets’, ‘Le désir’ uit Mélodies nocturnes originales op. 41a (bew.); Meissonnier: ‘Quatrième rondo pour lyre ou guitare; Delayrac: ‘Quand le bien-aimé reviendra’ uit Nina, ou La folle per amour (bew.). Met Tanguy de Williencourt (p), Thibaut Roussel (git), Bruno Philippe (vc), Lionel Renoux (hrn) en Caroline Lieby (hrp). Harmonia Mundi HMM 90.2504 (64’23”). 2019

Uit zijn biografie weten we dat Berlioz als jongeling geen piano, maar gitaar speelde. Hij deed dat op een instrument van Jean-Nicole Grobert dat eerder aan Paganini toebehoorde en dat we op deze cd in een soort ‘Berlioziade’) vrij naar Schubertiade horen op een avondje in vriendenkring waar gezellig met eigen werken werd gezongen en gemusiceerd. Tot het hier aanwezige gezelschap behoorden behalve Berlioz Jean Paul Gilles Martini, Marco Arelio Zani de Ferranti, Nicolas-Marie Delayrac, Franz Liszt, Dominique della-Maria, Jean-Antoine Meissonnier, en Charles-Henri Plantade.

Ook de piano is bijzonder: een Pleyel uit 1842 die eerder door Chopin werd gebruikt. En Marini’s bekende ‘Plaisir d’amour’ klinkt in de oorspronkelijke versie uit 1784. Berlioz was zeer gecharmeerd van het lied en maakte er verschillende bewerkingen van. Hier horen we die met cello en piano.

Berlioz’ La captive kennen we vooral met orkestbegeleiding en werd bijvoorbeeld door Anne Sofie von Otter opgenomen (DG 435.860-2).

Het was Liszt die de ‘Idée fixe’ uit de Symphonie fantastique nog eens naar voren haalde. Hij bewerkte ook de ‘Danse de sylphes’ uit La damnation de Faust en de ‘Marche des pèlerins’ uit Harold en Italie. ‘Padre breton’ is de toonzetting van een pastorale tekst van Auguste Brizeux en daar horen we ook even een natuurhoorn is. De Élégie en prose is op tekst van Thomas Moore en komt uit Berlioz’ Neuf mélodies irlandaises.

Dat Berlioz niet alleen groot en imposant kon uitpakken in zijn monumentale werken, maar ook heel intiem kan zijn, laten Stéphanie d’Oustrac en haar partners in deze afwisselend heel eenvoudige en echte kunstliederen mooi horen al vertoont haar stem wel wat gemis aan glans en intonatieproblemen.