WANG, YUJA: SONATAS & ETUDES
CD Verzamelprogrammas

Yuja Wang: Sonates en études. Chopin: Pianosonate nr. 2 in bes op. 35; Ligeti: Études nr. 4 ‘Fanfares’ en 10 ‘Der Zauberlehrling’; Scriabin: Pianosonate nr. 2 in gis; Liszt: Pianosonate in b S. 178. DG 477.8140 (74’17”). 2008

 

Dit is de DG debuutschijf van de toen 22-jarige Yuja Wang. In dit interessante, afwisselende recital is meteen hoorbaar dat we met een haast wonderbaarlijke Oosterse pianiste te maken hebben die de muziek van het Avonland tot in de diepten van haar geest en puntjes van haar vingers beheerst. Je vraagt je af wat Gary Graffman haar op het Curtis Institute nog heeft moeten (kunnen) bijbrengen.

Wang met haar voorliefde voor muziek waarin enig drama schuilt, voor turbulente werken droomde er al nadat ze Pollini had gehoord in de Études van Chopin dat ze ook voor het gele etiket zou spelen en die droom werd werkelijkheid.

In Chopins Sonate nr. 2 is ze opvallend uitdagend en gaat ze er na het eerste doppio movimento als een haas van door in het eerste deel zonder dat de diepere kanten tekort komen. De beroemde treurmars is inderdaad een langzaam voortschrijdende, afgemeten mars en binnen een fraai sotto voce klinkt de finale met een breed scala aan toucher en expressie.

In de tweedelige sonate van Scriabin toont Wang zich heel gevoelig voor de stemmingswisselingen die uiteenlopen van doodrustig tot flink stormachtig en in de sonate van Liszt speelt ze met veel attaque zodat de muziek dichter in de buurt van Bartók komt. Haar zinnige keuze voor de onderlinge tempi en schijnbaar spontane, maar passende rubati verlenen haar voordracht haast iets van een continu vloeiend balletkarakter met gedoseerde ritmische variaties. Wezenlijke passages zijn scherp gedefinieerd: het tartende grandioso, de recitativo quasi liefdesscène, het introspectief lyrische andante sostenuto.

Als even afleidende tussenspelen klinken de Études van Ligeti in- muzikaal en nadrukkelijk. Een droomdebuut!